Ouders, huiswerk en hun studiehuiskinderen
Tijdschrift Vernieuwing, januari 2007 door Joke van der Zwaard
In de studiehuismethodiek is zelfstandig leren niet alleen doel, maar ook middel. Leerlingen krijgen de leerstof minder in hapklare brokken voorgeschoteld, maar moeten zaken zelf opzoeken, eigen onderwerpen en vragen bedenken. Onder leerkrachten en journalisten bestaan twijfels of alle havo/ vwo'ers dat zelfstandig werken wel (aan)kunnen. Vallen leerlingen bij dat veronderstelde zelfstandig werken meer terug op hun ouders?
Als dat zo is, dan zou de studiehuismethodiek de sociale ongelijkheid in sterkere mate reproduceren dan het traditionele onderwijs. Want het moet toch uitmaken of ouders weten hoe je een stuk schrijft. of ze iets weten over het werkstukonderwerp of waar de benodigde informatie gehaald kan worden: in boeken, op het net of bij personen. Een werkstuk over windmolens? Je kunt wel mijn collega, oude studievriend, tennis maat je of nicht even bellen... Zo simpel ligt het echter niet, zo moet ik constateren na gesprekken met een paar goed opgeleide ouders van (ex)studiehuiskinderen en medewerkers van commerciële en ideële huiswerkinstituten. Geschoolde ouders (b)lijken niet altijd in staat te zijn om hun kinderen met huiswerk te helpen. Wat ze wel (financieel) kunnen, en ook in toenemende mate doen, is hun kinderen laten helpen door professionele huiswerkinstituten.
Een ander studiesysteem
'Ouders kunnen hun kinderen niet meer helpen, want ze herkennen het studiesysteem niet meer', zegt Vincent van Dijk, beheerder van de website Huiswerkbegeleiding.nI, een digitale catalogus van het commerciële aanbod op dit terrein. 'Het onderwijs is veranderd, het is pittiger geworden', beaamt Joris Blankers van Studiekring, het grootste huiswerkinstituut van Nederland, met vestigingen in twintig steden. 'Mijn man en ik hebben allebei een hogere beroepsopleiding in de sociale en culturele sector, maar we kunnen het onderwijs van onze oudste echt niet meer volgen' zegt Karin, moeder van twee gymnasiasten. 'Die enorme hoeveelheid stof, in de breedte en in de diepte. Hij zit in het zesde jaar, profiel natuur en gezondheid. Wij zijn allebei heel erge alfa's. Over bepaalde vakken hebben wij vanaf een bepaald niveau weinig te melden en dan verdwijnt op den duur bij je kinderen het idee dat ze het wel even aan hun vader of moeder kunnen vragen.'
Ook bij het schrijven van werkstukken lijkt de onderwijsondersteunende kwaliteit van deze ouders niet te zitten in specifieke, inhoudelijke hulp. Ze gaan er niet echt uitgebreid voor zitten, maar geven vrij terloops een intellectueel of emotioneel zetje. Dat is althans het beeld dat zij ervan presenteren. Lia: 'Mijn hulp is meer algemeen intellectuele hulp. Ik heb mijn dochter bijvoorbeeld wel eens uitgelegd hoe je een stelling verdedigt. Maar de onderwerpen die zij kiest, liggen toch meestal in haar belangstellingensfeer. Daardoor weet ze er inhoudelijk vaak meer van af dan ik.' Henk: 'Ach, je geeft wel eens een tip. Zo van, je zou die of die kunnen bellen. Maar verder bestond onze hulp voornamelijk uit psychische ondersteuning. ''Je kan het best" en dat soort dingen zeggen.' De ouderlijke ondersteuning zit hem vermoedelijk vooral in het intellectuele en culturele klimaat in huis. Karin: 'Kijk, er zijn hier natuurlijk wel twee kranten in huis en een hoop boeken. En het zal ook wel uitmaken hoe er onder het eten over de wereld wordt gepraat. Mijn zoons zijn absoluut geen lezers, maar als we op vakantie gaan, stop ik ook een paar boeken voor hen in de koffer en daar zitten ze dan uiteindelijk toch in te lezen. Het afgelopen seizoen heb ik een schouwburgabonnement voor een serie klassiekers genomen. Shakespeare en zo. Daar heb je dan wel discussie over. Niet dat ze zeggen: leuk ma dat je daar nou aan gedacht hebt. Maar ze gaan mee en dan valt het hen nog mee ook.'
Informele hulp
Zelfstandig leren en discipline kunnen niet op dezelfde terloopse of creatieve manier met de paplepel worden ingegoten. Kinderen disciplineren kost tijd en gezelligheid, want op al te veel ouderlijke bemoeizucht zitten jongeren van 16, 17 jaar niet te wachten. Karin: 'Mijn oudste bleef in de vijfde zitten. Hij redde het niet meer met vier keer per jaar hard werken rondom de repetitieweek. We hebben het erover gehad hoe hij zijn huiswerk regelt. maar ik kan niet zeggen dat ik daar goed zicht op heb gekregen. We zitten er niet genoeg bovenop, denk ik. We moeten het hebben van de vanzelfsprekendheid dat je gewoon je school afmaakt en gelukkig werkte dat bij hem. Als ik hem nu vraag hoe het met school gaat, zegt hij: "prima" en is gelijk verdwenen. Zo'n gymnasium benadert de leerlingen als zelfstandige, intelligente jongeren en zo gaan ze zich ook gedragen: ik kan het allemaal zelf we!.' Zelfstandig werken staat haaks op ouders om hulp vragen. En omdat ouders en hun puberende kinderen nog meer met elkaar te verhapstukken, wordt huiswerkbegeleiding extra spanningsvol, zo is ook de ervaring van Lia: 'Als kinderen een jaar of tien zijn, willen ze niet meer naar de buitenschoolse opvang. Mijn oudste dochter kon haar bezigheden na schooltijd heel goed zelf organiseren. Mijn jongste hing echter altijd voor de tv, die kwam tot niets. Ik heb toen hulptroepen georganiseerd. Naast de twee middagen die ik zelf altijd thuis was, hielpen mijn broer, mijn ex en de studente-op-kamers elk een middag met een kopje thee en huiswerk. Met die andere drie ging het veel beter dan met mij, maar dat wist ik al van zwemles'.
Tijd- en kennisgebrek
Voor de ouders met onvoldoende informele hulp en voldoende financiële middelen, is er de commerciële huiswerkbegeleiding. Volgens deze professionals zijn tijdgebrek en spanningvermijding, naast kennisgebrek, de belangrijkste redenen voor ouders om te gaan zoeken naar professionele hulp. 'Het zijn vaak kinderen die uit de buitenschoolse opvang komen. Hun ouders zijn tweeverdieners en gewend om zorg en hulp in te kopen. Dat hoort bij deze tijd. En wat is er mis mee als ouders proberen de spanning in huis te beperken?' Van Dijk van Huiswerkbegeleiding.nl constateert een grote toestroom naar de huiswerkinstituten sinds de invoering van het studiehuis. Blankers van Studiekring ziet vooral een toename van kinderen met labels als dyslexie, autisme, hoogbegaafdheid en andere 'stoornis sen'; huiswerkbegeleiding die ouders vergoed krijgen via het persoonsgebonden budget in de zorg. Hij heeft wel een duidelijke mening over de studiehuismethodiek in de praktijk: 'Het tegenwoordige onderwijs veronderstelt zelfstandigheid, wij leren ze dat.' lngeborg de Vries, de coördinator van de huiswerkklas in een oude Rotterdamse stadswijk, heeft vergelijkbare kritiek: 'De leerlingen klagen en de vrijwilligers merken dat de opdrachten tegenwoordig onduidelijker zijn. Ze verwijzen maar gedeeltelijk naar de tekst van de schoolboeken en de leerlingen krijgen blijkbaar onvoldoende uitleg over wat er van hen verwacht wordt.' Hoe dat precies zit, weet ze niet, want in dertig jaar is het deze professioneel begeleide huiswerkklas niet gelukt om contact met de omliggende scholen voor voortgezet onderwijs op te bouwen. 'Scholen vinden ons overbodig want ze doen zelf al genoeg aan huiswerkbegeleiding, vinden ze'.
Huiswerkbegeleiding
'Huiswerkbegeleiding buiten school is absoluut geen overbodigheid', vindt Van Dijk, 'zeker niet in buurten met veellaagopgeleide ouders. Mijn ideaal is dat de professionele instituten hun expertise inzetten om de vrijwilligersinitiatieven in moskeeën en clubhuizen te verstevigen. Te zorgen voor professionele coaching en meer continuïteit. Want het werk van die buurtgroepen maakt echt verschil weet ik uit eigen ervaring als vrijwilliger. Daar gaat het niet om havo of toch net atheneum, maar om het bieden van toekomstperspectieven.'
Dat is ook mijn conclusie. Ondanks alle relativeringen van de hoogopgeleide ouders over hun onderwijsondersteunende rol maakt de buitenschoolse context wel verschil. Niet door de specifieke kennis van ouders, maar door de sociale, culturele en financiële middelen om een op het kind toegesneden mix te bieden van alles wat hiervoor genoemd is: de vanzelfsprekendheid dat je doorleert en iets moet worden, het zelfvertrouwen dat dat tot jouw mogelijkheden behoort, de beschikbaarheid van mensen die moeilijke dingen kunnen uitleggen en die je helpen zoeken, een goede tip, een interessant gesprek en een extra zetje in de rug, training in intellectuele basisvaardigheden geven, regelmaat en discipline, en leren leren. Een naschools studiehuis plus zogezegd.

