Examen-strebers

HP/De Tijd, mei 2008 door Alies Pegtel

De eindexamens zijn begonnen. Om hun cijfer met een punt te verhogen, volgden duizenden scholieren wederom particuliere examentrainingen. Hoe privé-onderwijs voorziet in een groeiende behoefte aan kwaliteit.

Afgelopen zaterdag speelde de I8-jarige Sterre Payens een hockeywedstrijd. 'Even mijn zinnen verzetten', vlak voor maandag de eindexamens begonnen. Hoe dichter die dag naderde, hoe heviger de zenuwen. "Dit is toch het belangrijkste examen van je leven," zegt ze met een klein stemmetje.
Niet dat de vwo-scholiere uit Gorinchem er niet alles aan heeft gedaan om zich optimaal voor te bereiden. De afgelopen weken bracht Payens vrijwel onafgebroken door op de Universiteit Leiden. Daar volg de ze stoomcursussen in vier examenvakken om alle stof nog eens door te nemen. Van half acht 's ochtends tot tien uur 's avonds werd ze bijgespijkerd in biologie, scheikunde, wiskunde B en natuurkunde.
Payens wil dolgraag geneeskunde gaan studeren. Ze koos daarom voor een bètaprofiel met vakken waar ze van nature niet heel sterk in is. Om haar kansen te verhogen, besloot ze voor al deze vakken een examencursus te volgen in Leiden. Een cursus duurt drie dagen per vak, een groep van maximaal vijf scholieren krijgt dan les van een docent. De kosten voor deze intensieve begeleiding: 280 euro per vak. Niet goedkoop. Maar volgens de Universiteit Leiden verhogen scholieren dankzij zo'n cursus hun examencijfer gemiddeld met een tot anderhalve punt. Payens: "Mijn ouders betalen gelukkig; zij vinden het een waardevolle investering.”

Sterre Payens is absoluut niet de enige kandidate in Nederland die zich de afgelopen maand onder professionele begeleiding voorbereidde op het eindexamen. Alleen al aan de Universiteit Leiden bestudeerden dit jaar tweeduizend havo- en vwo-scholieren hun examenstof. De Universiteit Twente organiseert 'eindexamenkampen', waar leerlingen in zes dagen door de stof marcheren van een aantal vakken naar keuze. Slapen doen ze in blokhutten, tussen de middag mogen ze sporten. Hoeveel scholieren zich in heel Nederland met dergelijke hulp, van universiteit of particulier instituut, hebben voorbereid op het eindexamen, is onbekend.

De Universiteit Leiden beschouwt de eindexamencursussen vooral als aardig visitekaartje voor potentiële studenten. "Rijk worden we er niet van," zegt cursuscoördinator en initiator Hans Huibregtse. "We leggen er geld op toe, want 280 euro voor dertig lesuren in groepjes van vijf is niet kostendekkend.”
Als de universiteit zou willen, zou ze veel meer cursisten kunnen plaatsen: de vraag is veel groter dan het aanbod. "We begonnen elf jaar geleden met twintig scholieren. Ieder jaar hebben we meer plek, maar ieder jaar lopen de cursussen eerder vol. Terwijl we niet eens reclame maken.”
Het grootste probleem is het tekort aan goede docenten. "Dat speelt overal in het onderwijs, dus ook bij ons.” Stoomcursussen Latijn en Grieks, maar ook Nederlands, biedt de Leidse universiteit dan ook niet aan. "Middelbare scholen kunnen het niet maken om gaten in het lespakket te laten vallen, en worden soms gedwongen om een minder kritisch aannamebeleid te voeren", zegt Huibregtse. "Maar wij kiezen ervoor om een vak niet aan te bieden als we geen geschikte leraren kunnen vinden. Veel van onze docenten zijn wel jong, vaak zijn het studenten, maar ze moeten zelf gemiddeld een 8,5 of hoger hebben gescoord op hun eindexamenlijst. Om de kwaliteit van de cursussen te garanderen, willen we daar geen concessies aan doen.” De studenten krijgen een opleiding van de universiteit.

Niet alleen in Leiden zijn er vanwege het gebrek aan hooggekwalificeerde docenten wachtlijsten voor eindexamentrainingen. Volgens Vincent van Dijk van de overkoepelende site Huiswerkbegeleiding.nl, waar alle particuliere instituten zijn ondergebracht, is het in de aanloop naar de examenperiode overal spitsuur. Huiswerkbegeleiding of examentraining is allang geen luxe meer, zegt hij. "Sinds veel ouders beiden werken, hebben ze minder tijd of zin om hun kinderen zelf met hun huiswerk te helpen.”
Een veel essentiëler probleem is dat veel ouders gewoon niet meer in staat zijn om hun kinderen te ondersteunen. Van Dijk vertelt dat de moderne lesmethodes, die vooral gericht zijn op het aanleren van vaardigheden, behoorlijk afwijken van die uit het verleden. "Twintig jaar geleden kreeg je wekelijks een hoofdstuk op en moest je rijtjes leren. Bij het zogeheten Nieuwe Leren ontbreekt die heldere structuur. Scholieren krijgen bijvoorbeeld drie boeken en moeten een maand later een taak inleveren. Niet alleen de kinderen, maar ook hun ouders kunnen daardoor geen onderscheid meer maken tussen hoofd- en bijzaken.”
Van Dijk vindt dat huiswerktraining eigenlijk alleen bestemd zou moeten zijn voor leerlingen met specifieke leerproblemen als dyslexie of ADHD. Maar uit de praktijk blijkt dat ook kinderen zonder stoornissen gebaat zijn bij extra coaching. "Privébegeleiding blijkt vaak noodzakelijk om orde aan te brengen in de leerstof. In wezen zouden scholen zelf hun leerlingen moeten bijbrengen hoe zij hun werk in hapklare brokken kunnen opknippen, maar daarin laten ze steken vallen.” En zo legt de opmars van de particuliere onderwijsprogramma's gevoelige hiaten bloot in het reguliere onderwijssysteem. Overigens is het succes van het privé-onderwijs niet alleen te verklaren uit het falen van dat reguliere onderwijs. Professionele begeleiding biedt een rustige omgeving waar leerlingen zich volledig op hun huiswerk kunnen concentreren, dat is ook aantrekkelijk. Van Dijk: "Veel kinderen hebben een tv en een computer op hun kamer. Ze zitten te chatten, te gamen of te msn'en; thuis worden ze veel te veel afgeleid.”

Gebrek aan goede leraren, aan overzicht over de studiestof en aan een rustige studie-omgeving spelen extra in de aanloop naar de eindexamens. Al was het maar omdat leerlingen dan zelf ook beseffen dat het erop of eronder is. Huibregtse uit Leiden vertelt dat hij zelden meemaakt dat kinderen worden gepusht door hun ouders om zich in te schrijven voor een driedaagse stoomcursus. "De meeste scholieren melden zichzelf aan. Ze moeten ook wel gemotiveerd zijn, anders houden ze het intensieve programma niet vol.”
Opvalt dat de examentrainingen niet alleen worden bezocht door leerlingen die er zwak voor staan. Juist de beste scholieren, met een zeven of hoger, melden zich als eerste. Volgens coördinator Huibregtse zijn dit de leerlingen die na hun examen een studie willen volgen met een numerus fixus, zoals geneeskunde, tandheelkunde of psychologie. "Hoe beter de cijferlijst, hoe groter de kans om ingeloot te worden. Met gemiddeld een acht worden ze automatisch toegelaten.” Dat vrouwelijke scholieren in Leiden met 65 procent in de meerderheid zijn, hoeft gezien de landelijke ontwikkelingen ook niet te verbazen. Sinds 1995 halen meer meisjes dan jongens hun vwo-diploma, en bij de medicijnenstudie domineren de meisjes met zeventig procent.
Tijdens de allereerste voorbereidingscursussen in april doen de supergemotiveerde leerlingen mee. Een week voor de examens, tijdens de laatste cursussen in mei, worden de Leidse lesbankjes vooral bezet door leerlingen die met de hakken over de sloot hopen te slagen. Daar zijn ook flink veel jongens bij.
Ruben Vroman (18) uit Amsterdam, die de helft van zijn cursusgeld betaalde met verdiensten van zijn bijbaante in de kroeg, heeft tot achter de komma uitgerekend welke cijfers hij nodig heeft om voldoende zessen te halen. Momenteel volgt hij biologie; de stoomcursussen wiskunde B en scheikunde heeft hij al achter de rug. Over het resultaat is hij erg tevreden. "Ik heb veel meer zelfvertrouwen gekregen. Voor mijn proefexamen scheikunde had ik een 7,4. Zo'n hoog cijfer heb ik nog nooit gehaald; op school sta ik een 6,0.” Dat hij tijdens de cursus zoveel beter heeft gescoord dan op school, schrijft Vroman deels toe aan zijn eigen inzet. "Ik heb het afgelopen jaar gewoon niet veel gedaan. Thuis game ik veel, ik wil ook gamedesign gaan studeren. Maar hier ben je drie dagen fulltime bezig met een vak; dat had ik thuis in mijn eentje nooit voor elkaar gekregen.”
Voor het eerst is Vroman ook duidelijk geworden wat de belangrijkste examenstof is. Net als andere scholieren heeft hij ervaring met schooldocenten die geweldig bevlogen over een onderwerp kunnen uitweiden - maar naar nu blijkt was die informatie voor het eindexamen volkomen irrelevant.

'Moet je kijken: op school hebben we vijf dikke boeken, maar de belangrijkste stof staat gewoon in dit ene boek samengevat.'
Bij de Leidse stoomcursussen krijgen de cursisten een syllabus, volgens coördinator Huibregtse het resultaat van een analyse van de eindexamens van de afgelopen tien jaar. Daaruit valt volgens hem goed af te leiden wat de kern van de examenstof is. Al is het onderwijssysteem veranderd, al jaren achtereen worden er tijdens het eindexamen dezelfde vragen gesteld over dezelfde onderwerpen.
Cursiste Eva Paulissen wijst tijdens de biologieles op een rode papieren bundel op haar tafel. "Moet je kijken: op school hebben we vijf dikke boeken, maar de belangrijkste examenstof staat gewoon hierin samengevat.” Paulissen uit Nuenen verblijft met een klasgenoot in een hotel in Leiden, en ook zij vindt de stoomcursus alle kosten meer dan waard. "De docenten zijn hartstikke positief en stimulerend; dat geeft mij een beter gevoel dan een leraar die je aankijkt alsof je er echt niets van begrepen hebt.” Voor het biologieklasje staat Madelien Regeer (20). De slanke medicijnenstudente wijkt met haar blonde paardestaart en grijze T-shirtje uiterlijk in niets af van de scholieren die zij lesgeeft. Het is het tweede jaar dat de studente bijverdient met eindexamencursussen; vorig jaar was ze een van de vijf onderwijsassistenten in haar groep en hielp zij vijf scholieren met hun vragen. Dit jaar promoveerde Regeer na een interne scholing tot hoofddocent en doceert ze de stof klassikaal. De assistenten helpen de leerlingen die in groepjes van vijf werken.
Op de laatste vrijdagmiddag van de driedaagse cursus roept Regeer in haar klaslokaal: "Geef drie bewijzen van de evolutietheorie!" De 25 scholieren zijn opgesplitst in verschillende groepjes, ze strijden tegen elkaar om zo veel mogelijk vragen te beantwoorden. Veel gelach en gejoel. Die ontspannen sfeer maakt de cursus ook leuk, zegt Tomas Knipscheer (18) uit Moordrecht. "Het werkt heel goed dat er bijna geen leeftijdsverschil is tussen ons en de docenten. Omdat zij pas geleden zelf eindexamen hebben gedaan, snappen zij veel sneller waar wij problemen mee kunnen hebben dan oudere docenten.”
Een dag later, na het afsluitende proefexamen biologie, is Knipscheer nog steeds enthousiast. "Ik heb een 6,4 gehaald. Als ik woensdag tijdens het echte examen even goed presteer, zit ik goed: ik sta een 5,5.”

Ezelsbruggetje.nl